Elke werkdag gaat het in Nederland zo'n 130 keer mis bij graafwerk. De Rijksinspectie Digitale Infrastructuur telde over 2025 ruim 47.000 graafschades aan kabels en leidingen; bij ongeveer één op de twintig graafbewegingen raakt een kabel of leiding beschadigd. Het goede nieuws: dat aantal daalde vijf procent ten opzichte van 2024. Het slechte nieuws: de hoofdoorzaak is al jaren dezelfde. In zo'n zestig procent van de gevallen is de ligging van kabels en leidingen vooraf niet of onvoldoende gelokaliseerd. Geen pech dus, maar voorbereiding.
En het blijft niet bij materiële schade. Ongevallen met een voertuig of rijdend werktuig vormen een kleiner deel van de onderzochte arbeidsongevallen, maar kennen volgens de Nederlandse Arbeidsinspectie wel het hoogste overlijdenspercentage van alle ongevalstypen. In sectoren waar veel met grondverzetmaterieel wordt gewerkt, is bij ongeveer de helft van de dodelijke ongevallen een rijdende machine betrokken: aanrijden, overrijden of beknelling door kantelen.
Nieuwe machinewetgeving per januari 2027
Voor wie machines koopt of bouwt verandert er komend jaar iets wezenlijks: op 20 januari 2027 vervangt de Europese Machineverordening (EU) 2023/1230 de vertrouwde Machinerichtlijn, zonder overgangsperiode. De verordening geldt rechtstreeks in de hele EU en stelt onder meer nieuwe eisen rond digitale veiligheid.
Voor u als eigenaar of gebruiker verandert het kader niet: dat blijft het Arbobesluit. Drie verplichtingen daaruit bepalen de dagelijkse praktijk: een machine alleen gebruiken waarvoor hij is bestemd, periodieke keuring door een deskundige met schriftelijk bewijs, en bediening uitsluitend door aantoonbaar vakbekwame medewerkers.
Tien maatregelen die het verschil maken
1. Doe de graafmelding: verplicht, geen advies. Bij machinaal graven bent u wettelijk verplicht (WIBON) minimaal drie en maximaal twintig werkdagen vooraf een graafmelding te doen bij het Kadaster. De verantwoordelijkheid ligt bij de grondroerder: degene onder wiens leiding wordt gegraven. De RDI handhaaft met boetes die kunnen oplopen tot een ton voor grondroerders en drie ton voor opdrachtgevers. En lokaliseer daadwerkelijk: graaf proefsleuven binnen het zoekgebied, zoals de richtlijn zorgvuldig grondroeren (CROW 500) voorschrijft.
2. Scheid mensen en machines. Zet het draai- en werkbereik af en organiseer gescheiden loop- en rijroutes. Dat dit geen papieren punt is, bewees een dodelijk ongeval met een achteruitrijdende shovel waarvoor het OM dit jaar een strafbeschikking van 150.000 euro oplegde: er was onvoldoende scheiding tussen voetgangers en voertuigen.
3. Inspecteer de machine dagelijks. Controleer voor aanvang rem- en hydraulieksystemen, verlichting, signalering en de staat van de bak en snelwissel. Leg afwijkingen vast en meld ze.
4. Organiseer zicht rondom. Spiegels en een achteruitrijcamera zijn de basis; persoonsdetectiesystemen die waarschuwen of automatisch stoppen zijn sterk in opkomst. Ze zijn niet wettelijk voorgeschreven, maar uw RI&E bepaalt wat op uw locatie nodig is. Vuistregel op de vloer: zie jij mij, zie ik jou.
5. Vertrouw nooit op een standaard talud. Een vaste regel zoals "45 graden is veilig" bestaat niet. De veilige helling hangt af van grondsoort, diepte, grondwater en belasting naast de sleuf. Vanaf één meter diepte is bekisting of een aantoonbaar veilig talud vereist (Arbobesluit, CROW 335), houd minimaal een halve meter naast de sleuf vrij van grond en materieel, en zorg vanaf die diepte voor twee uitgangen.
6. Hijsen met de graafmachine: alleen onder voorwaarden. Het mag, mits het hijswerk direct samenhangt met het grondwerk én de machine ervoor is uitgerust en gekeurd: lastmomentbeveiliging, gewaarmerkte hijstabel en gekeurd hijsgereedschap. Vanaf tien tonmeter is een TCVT-geregistreerde machinist verplicht. Los hijswerk voor derden hoort bij een kraan, niet bij een graafmachine.
7. Bescherm de machinist tegen kantelen. Beknelling bij kantelen is een van de dodelijkste scenario's. Een kantelbeveiliging (ROPS) werkt alleen samen met een gedragen gordel.
8. Respecteer bulkgoederen. Zand, granulaat en bodemas kunnen gaan schuiven als een lawine. Werk nooit onder aan een steile stort en houd afstand tot taluds van bulkmateriaal.
9. Overbrug nooit een beveiliging en overbelast nooit. Een uitgeschakelde lastmomentbeveiliging of een overschreden hijstabel is bij een ongeval geen pech maar verwijtbaarheid.
10. Werk nooit alleen en regel de communicatie. Zorg bij beperkt zicht of het verplaatsen van lasten voor een seingever, en spreek af dat één persoon met de machinist communiceert.
Van tips naar aantoonbare borging
Tips kunt u vandaag nog invoeren; borging vraagt om mensen op de vloer. DISC Safety & Rescue levert operationeel veiligheidskundigen die dagelijks op uw plant aanwezig zijn: zij geven de werkvergunningen af, lopen inspectierondes langs het werk en grijpen in wanneer er niet volgens vergunning of instructie wordt gewerkt. Onder eigen leiding en toezicht, dus aantoonbaar geborgd richting uw directie, uw verzekeraar en de inspectie. Rond grondverzet betekent dat concreet: de graafmelding en de vergunning kloppen vóórdat de bak de grond in gaat, de afzetting staat er daadwerkelijk, en er loopt iemand rond die het ziet als dat niet zo is.
Weten wat er écht gebeurt op uw plan?
Laat onze operationeel veiligheidskundige een dag meelopen. U krijgt dezelfde dag een concreet beeld van waar werkvergunningen, afzettingen en naleving afwijken van de afspraak, en wat dat betekent voor uw grootste risico's. Bel 078 622 05 00 en vraag naar Harry Lenders, of mail naar harry.lenders@disc.eu.